De Japanese Language Proficiency Test is het enige internationaal erkende examen Japans. Vijf niveaus, van N5 voor beginners tot N1 voor gevorderden, twee keer per jaar afgenomen op honderden plekken wereldwijd.
Het is nuttig, en het meet minder dan u denkt.

Wat er níét in zit
Beginnen we daarmee, want het is de belangrijkste eigenschap van dit examen: er is geen spreekvaardigheid en geen schrijfvaardigheid.
De JLPT toetst drie onderdelen: taalkennis (woordenschat en grammatica), leesvaardigheid en luistervaardigheid. Alles is meerkeuze. U hoeft geen zin te produceren, geen kanji te schrijven en geen woord te zeggen.
Dat maakt het examen goed afneembaar en internationaal vergelijkbaar. Het betekent ook dat iemand met N2 op papier in een gesprek kan vastlopen — en omgekeerd dat iemand die vlot praat, op de leesonderdelen kan zakken.
De JLPT meet wat u begrijpt, niet wat u kunt zeggen. Wie dat vooraf weet, gebruikt het examen zoals het bedoeld is: als richtpunt, niet als bewijs van vloeiendheid.
Het voorbehoud dat op elke examenpagina zou moeten staan
De vijf niveaus

| Niveau | Wat u ongeveer kunt | Kanji (richtcijfer) |
|---|---|---|
| N5 | Kana lezen, standaardzinnen begrijpen, traag gesproken Japans over vertrouwde onderwerpen volgen. | ±100 |
| N4 | Alledaagse gesprekken over bekende zaken, eenvoudige teksten met basiswoordenschat. | ±300 |
| N3 | De brug. Kranten scannen, gesprekken op normaal tempo grotendeels volgen. | ±650 |
| N2 | Praktisch werkniveau. Kranten en artikelen lezen, vergaderingen volgen. | ±1.000 |
| N1 | Abstracte en academische teksten, complexe argumentatie, alle registers. | ±2.000 |
Die kanji-aantallen zijn richtcijfers uit de praktijk, geen officiële norm. Sinds de hervorming van 2010 publiceert de organisatie geen woorden- en kanjilijsten meer per niveau — bewust, om te voorkomen dat mensen lijstjes stampen in plaats van de taal leren. De getallen die overal circuleren, zijn reconstructies op basis van oude examens.
Hoe u die tekens aanpakt zonder in stampen te vervallen, staat in kanji leren: hoeveel u nodig hebt en hoe.
De sprongen zijn niet gelijk
Op papier zijn het vijf gelijke treden. In de praktijk niet.
- N5 naar N4 — een kleine stap. Meer woorden, meer werkwoordsvormen, geen nieuw soort denkwerk.
- N4 naar N3 — de eerste echte sprong. De teksten worden langer, de context minder voorspelbaar.
- N3 naar N2 — de grootste. Hier verdubbelt de woordenschat en verandert de aard van de teksten: van «over bekende onderwerpen» naar «over wat dan ook».
- N2 naar N1 — vooral meer. Meer woorden, meer kanji, abstractere teksten, maar geen nieuw soort horde.
Voor werk of studie in Japan is N2 doorgaans de drempel die telt. N1 is nuttig maar zelden een harde eis buiten academische functies.
De JLPT in Nederland en Vlaanderen

Nederland: Leiden
De Nederlandse afname vindt plaats in Leiden, waar alle vijf de niveaus worden aangeboden. Drie dingen zijn goed om te weten:
- Leiden neemt het examen alleen in de zomer af, niet in december. De decemberronde botst met de universitaire tentamenperiode en er is domweg geen capaciteit voor.
- De inschrijving opent in maart voor het examen van dat jaar.
- Het examengeld bedraagt € 120.
Dat eerste punt heeft een praktisch gevolg: wie de zomerronde mist, wacht een heel jaar of wijkt uit naar het buitenland. Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk hebben doorgaans wel een decemberronde.
België: KU Leuven
De Belgische afname loopt via de opleiding Japanse studies van de KU Leuven. Data, aangeboden niveaus en tarief verschillen per editie; controleer die bij de organisator zelf voordat u plannen maakt.
Dat is geen slappe formulering maar beleid: examenpraktische gegevens veranderen jaarlijks, en wij zetten er liever geen verouderd cijfer neer. Waarom we dat consequent doen, staat in ons redactiebeleid.
Hoe het scoren werkt
Twee dingen verrassen kandidaten.
Er is een ondergrens per onderdeel. U moet niet alleen genoeg punten in totaal halen, maar ook per sectie een minimum. Wie schitterend leest en niets verstaat, zakt — ook met een hoog totaal.
De score is genormaliseerd. U krijgt geen ruw percentage terug maar een geschaalde score, zodat examens van verschillende jaren vergelijkbaar blijven. Een zware editie levert dus niet automatisch lagere uitslagen op.
Het certificaat verloopt niet. Werkgevers kijken in de praktijk wel naar hoe lang geleden u het haalde — taalvaardigheid zakt weg.
Hoe lang doet u erover
De organisatie geeft zelf richtlijnen in studie-uren, met een belangrijke nuance: ze verschillen sterk tussen leerders die al een karakterschrift kennen en leerders die dat niet doen.
Voor Nederlandstaligen geldt de tweede categorie. Chinese leerders hebben bij de kanji een voorsprong van jaren; wij beginnen op nul — al hebben wij dan weer voordeel bij de uitspraak, zoals we uitleggen in Japanse uitspraak voor Nederlandstaligen.
| Van | Naar | Wat het vooral vraagt |
|---|---|---|
| nul | N5 | Kana plus basisgrammatica. Enkele maanden bij regelmatig werk. |
| N5 | N4 | Meer woorden en werkwoordsvormen. Vergelijkbare orde van grootte. |
| N4 | N3 | De eerste echte sprong: langere teksten, minder voorspelbare context. |
| N3 | N2 | Het zwaarste traject. Woordenschat verdubbelt ongeveer. |
| N2 | N1 | Vooral volume en abstractie, geen nieuw type horde. |
Wij zetten hier bewust geen urentallen neer. Die circuleren volop, verschillen per bron met factor twee, en zeggen weinig over uw situatie. De volgorde van moeilijkheid is bruikbaarder dan een getal dat niet klopt.
Is het examen de moeite waard?
Ja, als u werk of studie in Japan overweegt, als u een deadline nodig hebt om vol te houden, of als u wilt weten waar u objectief staat.
Nee, als u Japans leert voor uw plezier, voor een reis, of om anime en manga te volgen. Dan bouwt u de verkeerde vaardigheden op: examentraining is meerkeuzevaardigheid, en die overlapt maar deels met begrijpen wat er gezegd wordt.
Een tussenweg werkt vaak het best: gebruik de niveaubeschrijvingen als richtlijn zonder examen te doen. Ze geven een bruikbare structuur — «ik werk naar N4 toe» is een concreter doel dan «ik wil beter worden».
Wat u vooral niet moet doen
De grootste valkuil is uitsluitend op het examen studeren. Wie een jaar lang oefenexamens maakt, wordt goed in oefenexamens.
De praktische vaardigheden die de JLPT niet toetst — een zin formuleren, een gesprek voeren, de juiste beleefdheidsvorm kiezen — moet u er zelf naast onderhouden. Dat laatste is in het Japans geen bijzaak: de vorm waarin u iets zegt draagt de helft van de boodschap. Bij elke zin in ons zinnenboek staat daarom wanneer u welke vorm gebruikt.
En wie nog aan het begin staat: de route van kana naar leesvaardigheid staat uitgetekend in Japans leren: hoe je begint, en de uitspraakkant — die de JLPT al helemaal niet toetst — in Japanse uitspraak voor Nederlandstaligen.